‘Käöningsjete’ of ‘Vogelsjete’?

In Heel zeggen we meestal ‘käöningssjete’, koningsschieten. Op zich lijkt dat duidelijk: degene die de vogel naar beneden schiet, krijgt het zilver – met koningsvogel! – omgehangen en is de nieuwe koning van de schutterij. Maar nog niet zo gek lang geleden zeiden de schutters ‘Vogelsjete’. Wat moet het nu zijn?

Hardhout Natuurlijk wordt er op een ‘Vogel’ geschoten. Vroeger was dat dat geen geschilderde vogel op een plaat, maar een ‘echte’ vogel. 3D, zeg maar. De kern daarvan was een stronk hardhout, meestal eiken, die een paar maanden in een beek of zelfs zeikkelder gelegen had om nóg harder te worden. De romp werd aangekleed met hoofd, vleugels en staart en natuurlijk wat opgeschilderd. Op het afschieten van die losse onderdelen konden prijzen staan óf juist boetes.

Dorpsruzies Maar het ging natuurlijk om de vogel zelf. Die moest er volledig afgeknald worden, hetgeen met zo’n harde kern niet gemakkelijk was. Soms was het eikenhout zo uitgehard dat de kogels afketsten en terugvlogen. Dat het uitschieten twee of drie dagen duurde was geen uitzondering. Heel vroeger schoten de schutters met hun eigen wapen en allemaal tegelijk. Het kwam regelmatig voor dat er dorpsvetes ontstonden over de vraag wie de vogel nu had afgeschoten. ‘Dae hieët de vogel aaf’, is dan ook een treffend oud-Limburgs spreekwoord voor iemand die ‘binnen’ is.

Hoe heet het nu? Of het evenement nu naar het voorwerp (de vogel) of de winnaar (de koning) wordt genoemd is natuurlijk niet zo heel erg spannend. Al vind ik persoonlijk ‘vogelsjete’ leuker, omdat dit de oudere benaming is. Of het bij ons opnieuw ingeburgerd raakt weet ik ook niet. Ik zal zelf in elk geval het goede voorbeeld geven!